Nieuws
Het Indisch Zwijgen
Rubrieken: Nieuws, Verhalen en Beelden
Gepubliceerd:
Laatste update:
Bron: Eljo A. Morpurgo - MorpurgoMedia.nl We hebben, als je zo om je heen vraagt, allemaal opa’s en oma’s die in het verzet hebben gezeten. Gek eigenlijk dat we massaal denken dat onze families uit helden bestonden in tijden van oorlog. En dan verschijnt er een boek waaruit blijkt dat Soldaat van Oranje helemaal geen held was. Dat er door zijn toedoen waarschijnlijk veel mensen het leven hebben gelaten. Zoveel helden zijn er gewoon niet in oorlogstijd. Soldaat van Oranje is ook een promotionele mythe geweest om soldaten te werven. Jongeren willen allemaal helden zijn, tot ze doorhebben dat helden vaak vroeg sterven en onbekend blijven. Net als de promofilmpjes van het leger op tv: nergens wordt jongeren verteld dat ze in feite kanonnenvlees zijn. Of eigenlijk moet ik tegenwoordig zeggen: dronevlees. Deze periode — april, mei — is voor mij altijd weer emotioneel. Er komen herinneringen boven aan zeer ingrijpende gebeurtenissen uit mijn familiegeschiedenis. Mijn opa, uitgezonden vanuit Nederland naar Nederlands-Indië om daar orde te handhaven. Hij was majoor in de medische dienst, leerde daar mijn oma kennen en trouwde haar. Ze kregen twee jongens en een meisje, vlak voordat in 1945 de oorlog uitbrak en de Japanners binnenvielen. Man en vrouw werden van elkaar gescheiden en opgesloten in kampen. Mijn opa werd tewerkgesteld aan de Birmaspoorlijn. Mijn oma bleef achter in een vrouwenkamp met drie kinderen. De tragedie van deze spoorlijn is overal terug te vinden: het enorme aantal doden, 75 per dag en de onmenselijke omstandigheden. Als arts moet hij daar verschrikkelijke dingen hebben gezien. Mijn oma moest ondertussen drie kinderen zien te voeden en beschermen in een kamp waar nauwelijks eten was en ziektes overal aanwezig waren. Er zijn talloze documentaires waarin overlevenden vertellen dat broodmeel werd vermengd met houtzaagsel om iets eetbaars te maken. Dat aten de kampbewoners, met vaak ziekte en soms de dood tot gevolg. Niemand in mijn familie heeft ooit gesproken over deze periode van gevangenschap, over de mishandelingen en martelingen door de Japanners — zowel bij de spoorlijn als in de kampen. De impact op een mens is onbeschrijfelijk en blijvend. Waar voor velen de oorlog in 1945 eindigde, begon er voor mijn familie een tweede oorlog. Mijn opa keerde kort terug naar Nederland, maar werd daarna opnieuw uitgezonden naar Nederlands-Indië. Deze periode staat bekend als de Bersiap-periode: een bloedige fase van 1945 tot ongeveer 1947, waarin Nederland zijn kolonie niet wilde opgeven en een felle strijd woedde om de onafhankelijkheid van Indonesië. Net bevrijd van de Japanners en de kampen, moesten ze meteen weer vechten — dit keer tegen Indonesiërs, de mensen met wie ze vóór 1945 samenleefden. Pas eind 1949 mocht mijn opa definitief terug naar Nederland. Iedereen overleefde het. Maar geestelijk en lichamelijk hebben ze zoveel gezien dat er nooit meer over gesproken werd — het zogeheten “Indisch zwijgen”. Soms kwamen er kleine plukjes van de verhalen, maar meestal werden vragen weg gesust met de woorden “daar praten we niet meer over, daar vraag je niet naar”. Zo reageerden mijn opa en oma, zo reageerden mijn vader. Ik, als naoorlogse generatie, pluk daar nog elke dag de wrange vruchten van. Maar daar zal ik je niet mee lastigvallen. Ik wil alleen dit zeggen: oorlog kent geen winnaars. Alleen verliezers. Geniet van het leven
Stuur een mail
